Stuw Driel volledig geopend
Als gevolg van de lage waterstand heeft Rijkswaterstaat besloten de stuw bij Driel volledig te openen. De waterstanden boven en beneden de stuw zijn inmiddels bijna gelijk waardoor de stuw geen peil regulerende functie meer heeft.
Het stuwcomplex bij Amerongen neemt die functie vanaf 3 augustus 2026 over. Het is voor het eerst dat dit als gevolg van extreem lage afvoeren gebeurt.
De stuw bij Driel zorgt samen met de stuwen bij Amerongen en Hagestein voor een verdeling van zoetwater over Nederland en voldoende waterdiepte voor de scheepvaart. Tijdens langdurige droogte wordt de stuw ingezet om water vast te houden en de waterverdeling over de Rijntakken te beïnvloeden.
Maar bij de huidige lage rivierafvoeren komt een moment waarop de waterstand bovenstrooms en benedenstrooms vrijwel gelijk wordt. Dan kan de stuw het waterpeil in het stuwpand Amerongen - Driel niet langer vasthouden. Daarom worden beide vizierschuiven volledig boven het water geheven. De stuw bij Amerongen neemt deze rol nu over.
Waterschappen en andere regionale waterbeheerders langs de Nederrijn zijn voor hun wateraanvoer deels afhankelijk van voldoende waterstanden op de rivier. Door het wegvallen van de stuwfunctie beweegt het waterpeil mee met de waterstand bovenstrooms van Driel. Als deze daalt, kan dat impact hebben voor ecologisch waardevol areaal, met name rond vispassages.
Denk ook aan landbouw, natuur en stedelijk water, waarvoor waterschappen het water verdelen. Regionale beheerders monitoren gezamenlijk de situatie nauwkeurig en nemen waar nodig aanvullende maatregelen om het beschikbare water zo goed mogelijk te verdelen.
Voor de scheepvaart verandert er niets. De scheepvaart moet voor het passeren van het complex gebruik blijven maken van de sluiskolk. Omdat het peil gelijk blijft levert dat een kleine tijdswinst op.
Het stuwcomplex bij Amerongen neemt die functie vanaf 3 augustus 2026 over. Het is voor het eerst dat dit als gevolg van extreem lage afvoeren gebeurt.
De stuw bij Driel zorgt samen met de stuwen bij Amerongen en Hagestein voor een verdeling van zoetwater over Nederland en voldoende waterdiepte voor de scheepvaart. Tijdens langdurige droogte wordt de stuw ingezet om water vast te houden en de waterverdeling over de Rijntakken te beïnvloeden.
Maar bij de huidige lage rivierafvoeren komt een moment waarop de waterstand bovenstrooms en benedenstrooms vrijwel gelijk wordt. Dan kan de stuw het waterpeil in het stuwpand Amerongen - Driel niet langer vasthouden. Daarom worden beide vizierschuiven volledig boven het water geheven. De stuw bij Amerongen neemt deze rol nu over.
Waterschappen en andere regionale waterbeheerders langs de Nederrijn zijn voor hun wateraanvoer deels afhankelijk van voldoende waterstanden op de rivier. Door het wegvallen van de stuwfunctie beweegt het waterpeil mee met de waterstand bovenstrooms van Driel. Als deze daalt, kan dat impact hebben voor ecologisch waardevol areaal, met name rond vispassages.
Denk ook aan landbouw, natuur en stedelijk water, waarvoor waterschappen het water verdelen. Regionale beheerders monitoren gezamenlijk de situatie nauwkeurig en nemen waar nodig aanvullende maatregelen om het beschikbare water zo goed mogelijk te verdelen.
Voor de scheepvaart verandert er niets. De scheepvaart moet voor het passeren van het complex gebruik blijven maken van de sluiskolk. Omdat het peil gelijk blijft levert dat een kleine tijdswinst op.

Geen opmerkingen: